NEDERLANDS
🇩🇪

    Ontbreken

    B1commonZipf 3.6

    werkwoord

    • ontbreken

      Verb/ɔnd'brekən; ɔnd'brekə/

      infinitief

      ontbreken

      tegenwoordige tijd

      ontbreekontbreektontbreken

      verleden tijd

      ontbrakontbraken

      tegenwoordig deelwoord

      ontbrekendontbrekende

    Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.

    Kostenlos. Kein Passwort.