NEDERLANDS
🇩🇪

    Uitbouwen

    B2uncommonZipf 2.4

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de uitbouw

      Substantiv/'œydbɔu/

      enkelvoud

      uitbouwuitbouwtje

      meervoud

      uitbouwenuitbouwtjes
    • uitbouwen

      Verb/'œydbɔuwən; 'œydbɔuwə/

      infinitief

      uitbouwen

      tegenwoordige tijd

      bouw uituitbouwbouwt uituitbouwtbouwen uituitbouwen

      verleden tijd

      bouwde uituitbouwdebouwden uituitbouwden

      tegenwoordig deelwoord

      uitbouwenduitbouwende

    Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.

    Kostenlos. Kein Passwort.