Aanbevelen
A2commonZipf 3.6
werkwoord
aanbevelen
Verb/'anbəvelən; 'anbəvelə/infinitief
aanbevelentegenwoordige tijd
beveel aanaanbeveelbeveelt aanaanbeveeltbevelen aanaanbevelenverleden tijd
beval aanaanbevalbevalen aanaanbevalentegenwoordig deelwoord
aanbevelendaanbevelende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.