Aangebroken
commonZipf 3.6
werkwoord
aanbreken
Verb/'anbrekən; 'anbrekə/infinitief
aanbrekentegenwoordige tijd
breek aanaanbreekbreekt aanaanbreektbreken aanaanbrekenverleden tijd
brak aanaanbrakbraken aanaanbrakentegenwoordig deelwoord
aanbrekendaanbrekende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.