Aangesneld
uncommonZipf 2.1
werkwoord
aansnellen
Verb/'ansnɛlən; 'ansnɛlə/infinitief
aansnellentegenwoordige tijd
snel aanaansnelsnelt aanaansneltsnellen aanaansnellenverleden tijd
snelde aanaansneldesnelden aanaansneldentegenwoordig deelwoord
aansnellendaansnellende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.