NEDERLANDS
🇬🇧

    Aangezwengeld

    uncommonZipf 2.0

    werkwoord

    • aanzwengelen

      Verb/'anzwɛŋələn; 'anzwɛŋələ/

      infinitief

      aanzwengelen

      tegenwoordige tijd

      zwengel aanaanzwengelzwengelt aanaanzwengeltzwengelen aanaanzwengelen

      verleden tijd

      zwengelde aanaanzwengeldezwengelden aanaanzwengelden

      tegenwoordig deelwoord

      aanzwengelendaanzwengelende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning