Aanslepen
uncommonZipf 2.4
werkwoord; werkwoord
aanslepen
Verb/'anslepən; 'anslepə/infinitief
aanslepentegenwoordige tijd
sleep aanaansleepsleept aanaansleeptslepen aanaanslepenverleden tijd
sleepte aanaansleeptesleepten aanaansleeptentegenwoordig deelwoord
aanslependaanslependeaanslijpen
Verb/'anslɛɪpən; 'anslɛɪpə/infinitief
aanslijpentegenwoordige tijd
slijp aanaanslijpslijpt aanaanslijptslijpen aanaanslijpenverleden tijd
sleep aanaansleepslepen aanaanslepentegenwoordig deelwoord
aanslijpendaanslijpende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.