NEDERLANDS
🇬🇧

    Baken

    commonZipf 3.6

    werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • bakenen

      Verb/'bakənən; 'bakənə/

      infinitief

      bakenen

      tegenwoordige tijd

      bakenbakentbakenen

      verleden tijd

      bakendebakenden

      tegenwoordig deelwoord

      bakenendbakenende
    • de baak

      Common noun/'bak/

      enkelvoud

      baakbaakje

      meervoud

      bakenbaakjes
    • het baken

      Common noun/'bakən; 'bakə/

      enkelvoud

      bakenbakentje

      meervoud

      bakensbakentjes

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.