NEDERLANDS
🇬🇧

    Beep

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • beepen

      Verb/'biːpən; 'biːpə/

      infinitief

      beepen

      tegenwoordige tijd

      beepbeeptbeepen

      verleden tijd

      beeptebeepten

      tegenwoordig deelwoord

      beependbeepende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning