NEDERLANDS
🇬🇧

    Belagen

    uncommonZipf 2.7

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de belag

      Common noun/bə'lak/

      enkelvoud

      belag

      meervoud

      belagen
    • belagen

      Verb/bə'laɣən; bə'laɣə/

      infinitief

      belagen

      tegenwoordige tijd

      belaagbelaagtbelagen

      verleden tijd

      belaagdebelaagden

      tegenwoordig deelwoord

      belagendbelagende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.