NEDERLANDS
🇬🇧

    Beslapen

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • beslapen

      Verb/bə'slapən; bə'slapə/

      infinitief

      beslapen

      tegenwoordige tijd

      beslaapbeslaaptbeslapen

      verleden tijd

      besliepbesliepen

      tegenwoordig deelwoord

      beslapendbeslapende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning