Betijen
uncommonZipf 2.2
werkwoord
betijen
Verb/bə'tɛɪjən; bə'tɛɪjə/infinitief
betijentegenwoordige tijd
betijbetijtbetijenverleden tijd
betijdebetijdentegenwoordig deelwoord
betijendbetijende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.