NEDERLANDS
🇬🇧

    Bezet

    top5000Zipf 4.2

    werkwoord; adjectief

    • bezetten

      Verb/bə'zɛtən; bə'zɛtə/

      infinitief

      bezetten

      tegenwoordige tijd

      bezetbezetten

      verleden tijd

      bezettebezetten

      tegenwoordig deelwoord

      bezettendbezettende
    • bezet

      Adjective/bə'zɛt/

      stellende trap

      bezetbezettebezets

      vergrotende trap

      bezetterbezetterebezetters

      overtreffende trap

      bezetstbezetste

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.