Bijleren
B1uncommonZipf 2.5
werkwoord
bijleren
Verb/'bɛɪlerən; 'bɛɪlerə/infinitief
bijlerentegenwoordige tijd
leer bijbijleerleert bijbijleertleren bijbijlerenverleden tijd
leerde bijbijleerdeleerden bijbijleerdentegenwoordig deelwoord
bijlerendbijlerende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.