NEDERLANDS
🇬🇧

    Bijsturen

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • bijsturen

      Verb/'bɛɪstyrən; 'bɛɪstyrə/

      infinitief

      bijsturen

      tegenwoordige tijd

      stuur bijbijstuurstuurt bijbijstuurtsturen bijbijsturen

      verleden tijd

      stuurde bijbijstuurdestuurden bijbijstuurden

      tegenwoordig deelwoord

      bijsturendbijsturende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning