NEDERLANDS
🇬🇧

    Binnenslepen

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • binnenslepen

      Verb/'bɪnənslepən; 'bɪnəslepə/

      infinitief

      binnenslepen

      tegenwoordige tijd

      sleep binnenbinnensleepsleept binnenbinnensleeptslepen binnenbinnenslepen

      verleden tijd

      sleepte binnenbinnensleeptesleepten binnenbinnensleepten

      tegenwoordig deelwoord

      binnenslependbinnenslepende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning