NEDERLANDS
🇬🇧

    Deugen

    B1commonZipf 3.3

    werkwoord

    • deugen

      Verb/'døɣən; 'døɣə/

      infinitief

      deugen

      tegenwoordige tijd

      deugdeugtdeugen

      verleden tijd

      deugdedeugden

      tegenwoordig deelwoord

      deugenddeugende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.