NEDERLANDS
🇬🇧

    Doem

    uncommonZipf 2.5

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de doem

      Common noun/'dum/

      enkelvoud

      doem
    • doemen

      Verb/'dumən; 'dumə/

      infinitief

      doemen

      tegenwoordige tijd

      doemdoemtdoemen

      verleden tijd

      doemdedoemden

      tegenwoordig deelwoord

      doemenddoemende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning