Doorbranden
uncommonZipf 2.3
voortbranden; een opening branden in; door en door branden
doorbranden
Verb/'dorbrɑndən; 'dorbrɑndə/voortbranden; een opening branden in
infinitief
doorbrandentegenwoordige tijd
brand doordoorbrandbrandt doordoorbrandtbranden doordoorbrandenverleden tijd
brandde doordoorbranddebrandden doordoorbranddentegenwoordig deelwoord
doorbrandenddoorbrandendedoorbranden
Verb/dor'brɑndən; dor'brɑndə/door en door branden
infinitief
doorbrandentegenwoordige tijd
doorbranddoorbrandtdoorbrandenverleden tijd
doorbranddedoorbranddentegenwoordig deelwoord
doorbrandenddoorbrandende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.