NEDERLANDS
🇬🇧

    Doorgebeten

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • doorbijten

      Verb/'dorbɛɪtən; 'dorbɛɪtə/

      infinitief

      doorbijten

      tegenwoordige tijd

      bijt doordoorbijtbijten doordoorbijten

      verleden tijd

      beet doordoorbeetbeten doordoorbeten

      tegenwoordig deelwoord

      doorbijtenddoorbijtende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning