Doorgeschoten
uncommonZipf 1.8
verder schieten; door schieten openen of stukmaken
doorschieten
Verb/'dorsxitən; 'dorsxitə/verder schieten; door schieten openen of stukmaken
infinitief
doorschietentegenwoordige tijd
schiet doordoorschietschieten doordoorschietenverleden tijd
schoot doordoorschootschoten doordoorschotentegenwoordig deelwoord
doorschietenddoorschietende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.