NEDERLANDS
🇬🇧

    Doorgetrokken

    uncommonZipf 2.7

    verder trekken; door trekken weg doen gaan

    • doortrekken

      Verb/'dortrɛkən; 'dortrɛkə/

      verder trekken; door trekken weg doen gaan

      infinitief

      doortrekken

      tegenwoordige tijd

      trek doordoortrektrekt doordoortrekttrekken doordoortrekken

      verleden tijd

      trok doordoortroktrokken doordoortrokken

      tegenwoordig deelwoord

      doortrekkenddoortrekkende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.