Doorleren
B1uncommonZipf 2.4
werkwoord
doorleren
Verb/'dorlerən; 'dorlerə/infinitief
doorlerentegenwoordige tijd
leer doordoorleerleert doordoorleertleren doordoorlerenverleden tijd
leerde doordoorleerdeleerden doordoorleerdentegenwoordig deelwoord
doorlerenddoorlerende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.