Doorsteken
uncommonZipf 2.3
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; door en door steken; doodsteken; door steken openen; een kortere route nemen
de doorsteek
Common noun/'dorstek/enkelvoud
doorsteekdoorsteekjemeervoud
doorstekendoorsteekjesdoorsteken
Verb/dor'stekən; dor'stekə/door en door steken; doodsteken
infinitief
doorstekentegenwoordige tijd
doorsteekdoorsteektdoorstekenverleden tijd
doorstakdoorstakentegenwoordig deelwoord
doorstekenddoorstekendedoorsteken
Verb/'dorstekən; 'dorstekə/door steken openen; een kortere route nemen
infinitief
doorstekentegenwoordige tijd
steek doordoorsteeksteekt doordoorsteektsteken doordoorstekenverleden tijd
stak doordoorstakstaken doordoorstakentegenwoordig deelwoord
doorstekenddoorstekende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.