NEDERLANDS
🇬🇧

    Doorsteken

    uncommonZipf 2.3

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; door en door steken; doodsteken; door steken openen; een kortere route nemen

    • de doorsteek

      Common noun/'dorstek/

      enkelvoud

      doorsteekdoorsteekje

      meervoud

      doorstekendoorsteekjes
    • doorsteken

      Verb/dor'stekən; dor'stekə/

      door en door steken; doodsteken

      infinitief

      doorsteken

      tegenwoordige tijd

      doorsteekdoorsteektdoorsteken

      verleden tijd

      doorstakdoorstaken

      tegenwoordig deelwoord

      doorstekenddoorstekende
    • doorsteken

      Verb/'dorstekən; 'dorstekə/

      door steken openen; een kortere route nemen

      infinitief

      doorsteken

      tegenwoordige tijd

      steek doordoorsteeksteekt doordoorsteektsteken doordoorsteken

      verleden tijd

      stak doordoorstakstaken doordoorstaken

      tegenwoordig deelwoord

      doorstekenddoorstekende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning