NEDERLANDS
🇬🇧

    Doorzeuren

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • doorzeuren

      Verb/'dorzørən; 'dorzørə/

      infinitief

      doorzeuren

      tegenwoordige tijd

      zeur doordoorzeurzeurt doordoorzeurtzeuren doordoorzeuren

      verleden tijd

      zeurde doordoorzeurdezeurden doordoorzeurden

      tegenwoordig deelwoord

      doorzeurenddoorzeurende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning