NEDERLANDS
🇬🇧

    Druiloren

    uncommonZipf 2.0

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de druiloor

      Common noun/'drœylor/

      enkelvoud

      druiloor

      meervoud

      druiloren
    • druiloren

      Verb/'drœylorən; 'drœylorə/

      infinitief

      druiloren

      tegenwoordige tijd

      druiloordruiloortdruiloren

      verleden tijd

      druiloordedruiloorden

      tegenwoordig deelwoord

      druilorenddruilorende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning