Flaneren
B1uncommonZipf 2.1
werkwoord
flaneren
Verb/fla'nerən; fla'nerə/infinitief
flanerentegenwoordige tijd
flaneerflaneertflanerenverleden tijd
flaneerdeflaneerdentegenwoordig deelwoord
flanerendflanerende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.