NEDERLANDS
🇬🇧

    Freak

    top5000Zipf 4.0

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de freak

      Common noun/'friːk/

      enkelvoud

      freakfreakje

      meervoud

      freaksfreakjes
    • freaken

      Verb/'friːkən; 'friːkə/

      infinitief

      freaken

      tegenwoordige tijd

      freakfreaktfreaken

      verleden tijd

      freaktefreakten

      tegenwoordig deelwoord

      freakendfreakende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.