NEDERLANDS
🇬🇧

    Geblindeerd

    uncommonZipf 2.1

    adjectief; werkwoord

    • geblindeerd

      Adjective/ɣəblɪn'dert/

      stellende trap

      geblindeerdgeblindeerdegeblindeerds
    • blinderen

      Verb/blɪn'derən; blɪn'derə/

      infinitief

      blinderen

      tegenwoordige tijd

      blindeerblindeertblinderen

      verleden tijd

      blindeerdeblindeerden

      tegenwoordig deelwoord

      blinderendblinderende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning