Geeuw
uncommonZipf 2.4
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de geeuw
Common noun/'ɣew/enkelvoud
geeuwgeeuwtjemeervoud
geeuwengeeuwtjesgeeuwen
Verb/'ɣewən; 'ɣewə/infinitief
geeuwentegenwoordige tijd
geeuwgeeuwtgeeuwenverleden tijd
geeuwdegeeuwdentegenwoordig deelwoord
geeuwendgeeuwende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.