Genoot
commonZipf 3.7
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de genoot
Common noun/ɣə'not/enkelvoud
genootgenootjemeervoud
genotengenootjesgenieten
Verb/ɣə'nitən; ɣə'nitə/infinitief
genietentegenwoordige tijd
genietgenietenverleden tijd
genootgenotentegenwoordig deelwoord
genietendgenietende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.