Gerant
uncommonZipf 2.4
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; tekeergaan
de gerant
Common noun/ʒe'rɑ͂ː; ɣə'rɑnt/enkelvoud
gerantmeervoud
gerantengerantsranten
Verb/'rɛntən; 'rɛntə/tekeergaan
infinitief
rantentegenwoordige tijd
rantrantenverleden tijd
rantteranttentegenwoordig deelwoord
rantendrantende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.