Hinder
B1uncommonZipf 2.6
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de hinder
Common noun/'hɪndər/enkelvoud
hinderhinderen
Verb/'hɪndərən; 'hɪndərə/infinitief
hinderentegenwoordige tijd
hinderhinderthinderenverleden tijd
hinderdehinderdentegenwoordig deelwoord
hinderendhinderende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.