NEDERLANDS
🇬🇧

    Ingevorderd

    uncommonZipf 2.0

    werkwoord

    • invorderen

      Verb/'ɪnvɔrdərən; 'ɪnvɔrdərə/

      infinitief

      invorderen

      tegenwoordige tijd

      vorder ininvordervordert ininvordertvorderen ininvorderen

      verleden tijd

      vorderde ininvorderdevorderden ininvorderden

      tegenwoordig deelwoord

      invorderendinvorderende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning