Inparkeren
uncommonZipf 2.5
werkwoord
inparkeren
Verb/'ɪnpɑrkerən; 'ɪnpɑrkerə/infinitief
inparkerentegenwoordige tijd
parkeer ininparkeerparkeert ininparkeertparkeren ininparkerenverleden tijd
parkeerde ininparkeerdeparkeerden ininparkeerdentegenwoordig deelwoord
inparkerendinparkerende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.