NEDERLANDS
🇬🇧

    Inroept

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • inroepen

      Verb/'ɪnrupən; 'ɪnrupə/

      infinitief

      inroepen

      tegenwoordige tijd

      roep ininroeproept ininroeptroepen ininroepen

      verleden tijd

      riep ininriepriepen ininriepen

      tegenwoordig deelwoord

      inroependinroepende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning