Jaap
uncommonZipf 2.7
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de jaap
Common noun/'jap/enkelvoud
jaapjaapjemeervoud
japenjaapjesjapen
Verb/'japən; 'japə/infinitief
japentegenwoordige tijd
jaapjaaptjapenverleden tijd
jaaptejaaptentegenwoordig deelwoord
japendjapende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.