NEDERLANDS
🇬🇧

    Jaap

    uncommonZipf 2.7

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de jaap

      Common noun/'jap/

      enkelvoud

      jaapjaapje

      meervoud

      japenjaapjes
    • japen

      Verb/'japən; 'japə/

      infinitief

      japen

      tegenwoordige tijd

      jaapjaaptjapen

      verleden tijd

      jaaptejaapten

      tegenwoordig deelwoord

      japendjapende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.