Keen
uncommonZipf 1.8
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de keen
Common noun/'ken/enkelvoud
keenkeentjemeervoud
kenenkeentjeskenen
Verb/'kenən; 'kenə/infinitief
kenentegenwoordige tijd
keenkeentkenenverleden tijd
keendekeendentegenwoordig deelwoord
kenendkenende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.