NEDERLANDS
🇬🇧

    Keen

    uncommonZipf 1.8

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de keen

      Common noun/'ken/

      enkelvoud

      keenkeentje

      meervoud

      kenenkeentjes
    • kenen

      Verb/'kenən; 'kenə/

      infinitief

      kenen

      tegenwoordige tijd

      keenkeentkenen

      verleden tijd

      keendekeenden

      tegenwoordig deelwoord

      kenendkenende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning