Knakken
uncommonZipf 2.1
werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud
knakken
Verb/'knɑkən; 'knɑkə/infinitief
knakkentegenwoordige tijd
knakknaktknakkenverleden tijd
knakteknaktentegenwoordig deelwoord
knakkendknakkendede knak
Common noun/'knɑk/enkelvoud
knakknakjemeervoud
knakkenknakjes
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.