Kolk
uncommonZipf 2.3
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de kolk
Common noun/'kɔlk/enkelvoud
kolkkolkjemeervoud
kolkenkolkjeskolken
Verb/'kɔlkən; 'kɔlkə/infinitief
kolkentegenwoordige tijd
kolkkolktkolkenverleden tijd
kolktekolktentegenwoordig deelwoord
kolkendkolkende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.