NEDERLANDS
🇬🇧

    Losgerukt

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • losrukken

      Verb/'lɔsrʏkən; 'lɔsrʏkə/

      infinitief

      losrukken

      tegenwoordige tijd

      ruk loslosrukrukt loslosruktrukken loslosrukken

      verleden tijd

      rukte loslosrukterukten loslosrukten

      tegenwoordig deelwoord

      losrukkendlosrukkende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning