NEDERLANDS
🇬🇧

    Manken

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • manken

      Verb/'mɑŋkən; 'mɑŋkə/

      infinitief

      manken

      tegenwoordige tijd

      mankmanktmanken

      verleden tijd

      manktemankten

      tegenwoordig deelwoord

      mankendmankende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning