Meegegaan
commonZipf 3.7
werkwoord
meegaan
Verb/'meɣan/infinitief
meegaantegenwoordige tijd
ga meemeegagaat meemeegaatgaan meemeegaanverleden tijd
ging meemeeginggingen meemeegingentegenwoordig deelwoord
meegaandmeegaande
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.