Meegemaakt
top5000Zipf 4.6
werkwoord
meemaken
Verb/'memakən; 'memakə/infinitief
meemakentegenwoordige tijd
maak meemeemaakmaakt meemeemaaktmaken meemeemakenverleden tijd
maakte meemeemaaktemaakten meemeemaaktentegenwoordig deelwoord
meemakendmeemakende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.