NEDERLANDS
🇬🇧

    Meegenieten

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • meegenieten

      Verb/'meɣənitən; 'meɣənitə/

      infinitief

      meegenieten

      tegenwoordige tijd

      geniet meemeegenietgenieten meemeegenieten

      verleden tijd

      genoot meemeegenootgenoten meemeegenoten

      tegenwoordig deelwoord

      meegenietendmeegenietende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning