NEDERLANDS
🇬🇧

    Meereizen

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • meereizen

      Verb/'merɛɪzən; 'merɛɪzə/

      infinitief

      meereizen

      tegenwoordige tijd

      reis meemeereisreist meemeereistreizen meemeereizen

      verleden tijd

      reisde meemeereisdereisden meemeereisden

      tegenwoordig deelwoord

      meereizendmeereizende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning