NEDERLANDS
🇬🇧

    Meetrekken

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • meetrekken

      Verb/'metrɛkən; 'metrɛkə/

      infinitief

      meetrekken

      tegenwoordige tijd

      trek meemeetrektrekt meemeetrekttrekken meemeetrekken

      verleden tijd

      trok meemeetroktrokken meemeetrokken

      tegenwoordig deelwoord

      meetrekkendmeetrekkende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning