Meeviel
uncommonZipf 2.2
werkwoord
meevallen
Verb/'mevɑlən; 'mevɑlə/infinitief
meevallentegenwoordige tijd
val meemeevalvalt meemeevaltvallen meemeevallenverleden tijd
viel meemeevielvielen meemeevielentegenwoordig deelwoord
meevallendmeevallende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.