Neerleg
uncommonZipf 2.6
werkwoord
neerleggen
Verb/'nerlɛɣən; 'nerlɛɣə/infinitief
neerleggentegenwoordige tijd
leg neerneerleglegt neerneerlegtleggen neerneerleggenverleden tijd
legde neerneerlegdelegden neerneerlegdentegenwoordig deelwoord
neerleggendneerleggende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.