NEDERLANDS
🇬🇧

    Neerplanten

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • neerplanten

      Verb/'nerplɑntən; 'nerplɑntə/

      infinitief

      neerplanten

      tegenwoordige tijd

      plant neerneerplantplanten neerneerplanten

      verleden tijd

      plantte neerneerplantteplantten neerneerplantten

      tegenwoordig deelwoord

      neerplantendneerplantende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning